image

Jonge Oromo activist hoopt op asiel


 

Jonge Oromo activist uit Ethiopië hoopt alsnog asiel te krijgen

‘Ik ben jong, ik wil werken, sporten en leven’

Abduu kreeg maandenlang onderdak op een particulier gastadres via STIL en ook andere steun van ons. Nu is hij eindelijk vertrokken naar Ter Apel om asiel te vragen. Hij vertelt over zijn leven. Als jongere in Ethiopië is hij meerdere keren opgepakt, opgesloten en gemarteld. Op jonge leeftijd vluchtte hij het land uit en in Europa kreeg hij geen asiel. Nu hoopt hij dat alsnog voor elkaar te krijgen.

Abduu Usmaan Ahmed is 22 jaar en Oromo, de grootste bevolkingsgroep van Ethiopië. Net als zijn hele familie, is hij al van jongs af aan actief voor de oppositie tegen de regering van Ethiopië. “Toen ik op school zal, ging ik vaak naar demonstraties. Ik ben vaak opgepakt, geslagen en gevangen gezet”. Hij laat de sporen op zijn lichaam zien. “Soms zaten we een paar weken, soms een paar dagen vast”. Er vielen ook doden dus toen is Abduu het land uit gevlucht.

Hij was toen nog maar 14 jaar oud. Hij reisde zoals veel vluchtelingen, via Sudan naar Libië en via Italië naar Duitsland. Hij kreeg geen asiel maar wel opvang tot hij meerderjarig was. Hij verbleef daar 4,5 jaar. “ik weet niet waarom ik geen asiel kreeg. Ze vonden het veilig voor mij in Ethiopië. Misschien namen ze me ook niet serieus omdat ik al zo jong gevlucht was. Ook was er toen een nieuwe premier en ze dachten dat het in Ethiopië goed ging. Dat dachten veel mensen. Nu is wel duidelijk dat dat niet zo is”. Hij besloot dat hij naar het Verenigd Koninkrijk (VK) wilde gaan, hij hoorde dat Oromo-activisten daar wel kans op asiel maken, en vertrok naar België.

Een jaar in vrachtwagens geklommen

“Ik ben twee dagen in Calais geweest maar de meeste tijd in Brussel. Op parkeerplaatsen bij de havens kropen we in vrachtwagens die naar het VK reden. Ik heb dat een jaar lang geprobeerd. Maar er waren veel controles, ook met honden, dus vaak vonden ze ons. Ik ben ook weleens uit een vrachtwagen gevallen en gewond geraakt. De politie bracht ons steeds weer naar Brussel. Het is een soort roulette, vijf op de vijftig mensen of twee op de twintig, lukt het in Engeland te komen, de rest niet”.

‘Het is een soort roulette: vijf op de vijftig mensen lukt het in Engeland te komen’

“Het was een zwaar leven. Ik sliep vaak buiten. In Brussel kregen we wel een slaapzak en eten van mensen. En in de winter als het heel koud was, namen sommige mensen ons mee naar hun huis. Dat was echt heel fijn. Maar het leven was moeilijk. Soms als ik alleen was, huilde ik”.

Broer in gevangenis

“Toen ik hoorde dat het VK mensen naar Rwanda wilde sturen, heb ik besloten naar Nederland te gaan. Ook omdat ik daar in België geen toekomst meer zag. Ik wilde mijn leven veranderen. Ik wilde vechten voor mijn leven. Ik kan niet terug naar mijn land. Mijn broer zit gevangen. Mijn hele familie heeft problemen. Ik heb geen geld om mijn familie te bellen. Ik maak me grote zorgen. Vorige week[1] nog vielen er vier doden”. Hij laat een bericht zien op zijn telefoon.

In Nederland vroeg hij asiel maar Nederland wilde hem aan Duitsland overdragen (volgens de zogenoemde Dublinafspraken was er een Dublinclaim op Duitsland gelegd). Er was al een vlucht voor hem geboekt, dus liep hij weg uit het AZC. In Duitsland hadden ze gedreigd hem uit te zetten naar Ethiopië, vandaar zijn angst om daarheen te gaan. Ook hadden ze zijn asielverzoek daar afgewezen.

In Nederland buiten slapen

In Nederland ontmoette hij andere Oromo. Zij wezen hem de weg naar STIL en daar hoorde hij waar hij eten kon krijgen en STIL hielp hem een dokter te regelen. Hij had stress en rugpijn van het buiten slapen. Hij kon geen opvang krijgen van de gemeente omdat hij officieel naar Duitsland moest vanwege de Dublinclaim. Hij sliep in Nederland een paar maanden buiten. 

STIL-collega’s vonden hem erg jong en kwetsbaar en besloten een plek voor hem te zoeken in ons particuliere netwerk. Zo kon hij lange tijd in een woongroep in Utrecht wonen. Intussen onderzocht het medisch team zijn juridische mogelijkheden en kreeg hij medische zorg. Het juridisch team besloot in overleg met Abduu en een advocaat dat hij opnieuw asiel kon vragen. Gezien zijn activiteiten in Ethiopië en Europa, de problemen van zijn familie en de verslechtering van de situatie in Ethiopië, lijkt dit kans van slagen te hebben.

‘Herdenking en protest voor vrijheid voor zangers, jongeren en alle mensen in Ethiopië’

Abduu is (eerder al in Duitsland en) in Nederland actief (geweest) met demonstraties tegen het Ethiopische regime en tegen de Nederlandse en Europese samenwerking met dit regime. Hier op een video is te zien hoe hij leuzen schreeuwt op een demonstratie vorig jaar in Den Haag, zie ook de foto bovenaan en hieronder).

Zaterdag 1 juli neemt hij deel aan de herdenking van de Oromo-protestzanger Hachalu Hundessa, in Utrecht. De zanger werd in 2020 vermoord. “Voor ons heeft de herdenking twee kanten. We hebben nog steeds verdriet over zijn dood en willen hem eren. Maar het is ook een protestactie tegen de Ethiopische regering. Voor vrijheid van meningsuiting van muzikanten, zangers, jongeren en alle mensen in Ethiopië”.

“De Ethiopische regering van Abiye Ahmed heeft de bevolking tegen elkaar opgezet. We leefden altijd vreedzaam en rustig met elkaar. Ook de verschillende religies, moslims en christenen. We eten en leven samen. Maar nu zijn er onderling problemen en gevechten, moskeeën zijn aangevallen”.

‘Ik ben kapot in mijn hoofd en mijn lichaam van alle stress’

Abduu wacht nu al zes maanden in twee verschillende AZC’s, op dit moment op een boot in Amsterdam, op een interview (gehoor) met de IND. “Ik weet niet wat ik ervan moet verwachten. Ik heb heel veel stress, ik ben kapot in mijn hoofd en van binnen. Als je mijn gezicht ziet, zie ik er oud uit. Ik vergeet alles. Ik raak steeds sleutels kwijt en mijn telefoon, ik heb mijn tas in de trein laten liggen. Ik hoop dat ik het interview goed kan doen. Omdat ik zo veel stress heb en mijn hoofd kapot is”.

“Ik ben jong, ik wil een leven. Ik wil naar school, sporten, werken, een auto en een huis. Voor Ethiopië en mijn familie wens ik een einde aan deze regering. We willen vrede en vrijheid”.

 

[1] Dit was ten tijde van het interview, enkele weken geleden.